De beste vriend van de mens

De Partij voor de Dieren heeft het nieuwe hondenbeleid laten agenderen vanwege de vele en vaak terechte bezwaren die er onder de stadjers leven jegens de nieuwe regels. In dit stuk willen wij onze visie uiteenzetten.

In het initiatiefvoorstel van de ChristenUnie vroeg deze partij om een wijkgerichte aanpak. Dat is nog niet helemaal tot zijn recht gekomen in het laatste voorstel. Alhoewel in wijken bijeenkomsten zijn belegd en de stadjers expliciet is gevraagd om input, lijkt daar weinig mee te zijn gebeurd. Dit zorgt ervoor dat stadjers weinig vertrouwen hebben in het nut van burgerparticipatie. Wij zijn blij dat het college nu toch overstag is gegaan en op grond van de vele bezwaren die zijn ingediend, opnieuw naar de zaak wil kijken.

Daarnaast was menig hondenbezitter onaangenaam verrast door de toon van het stuk. Het feit dat de hond niet voor niets al eeuwen lang de beste vriend van de mens wordt genoemd, is er niet in terug te vinden. Niets over de positieve gezondheidseffecten die het hebben van een hond op de mens heeft, of over het plezier dat mensen beleven aan het wandelen met hun hond en alle sociale verkeer vandien. Bovendien leek de nadruk plotseling te liggen op het tegengaan van loslopende honden, terwijl de intentie oorspronkelijk was iets te doen aan hondenpoep, wat tot overlast zou leiden.

In de Algemene Plaatselijke Verordening is opgenomen dat de hond behalve in losloopgebieden overal aan de lijn moet. Wij zouden dit graag willen veranderen. Het draagvlak voor deze algemene aanlijnplicht is zo zwak dat het geen succes zal worden. Bovendien is de motivatie om dan nog iets aan de poep te doen tot een minimum gedaald. Wij zijn van mening dat eigenaren in staat moeten worden gesteld hun eigen verantwoordelijkheid te nemen waar het hun hond betreft. Het mag hen echter niet onmogelijk worden gemaakt hun hond te geven wat deze nodig heeft, namelijk in alle rust wat te kunnen rondsnuffelen. Aan de riem wordt dat erg moeilijk voor het dier.

Wij willen daarom voorstellen dat de hond in principe los mag, behalve bij drukke wegen,  in de kwetsbare ecologische gebieden waar veel dieren leven en gedurende de zomermaanden in de parken waar veel gerecreëerd wordt. Wij zijn van mening dat de optie: aanlijnen tijdens de broedperiode, onvoldoende bescherming geeft aan de hier levende dieren, omdat bijvoorbeeld blauwe reigers al in februari beginnen met het bouwen van een nest en bepaalde zwaluwsoorten daarentegen in september nog bezig zijn met hun jonkies. Loslopende honden leiden tot veel verstoring voor broedvogels, die op de grond of tot de eerste meter broeden, zoals winterkoninkjes en roodborstjes, maar kunnen ook voor overlast bij wezels en egels leiden. De stedelijke natuurgebieden worden steeds belangrijker voor dieren, nu zij het platteland door grootschalige landbouw (het gebruik van pesticides, de lage grondwaterstand, het steeds vroeger maaien, gebruik van uitheems gras dat niet geschikt is voor broedvogels en geen ruimte biedt aan kruiden, waardoor er weer minder insecten zijn voor jonge vogels etc.) noodgedwongen ontvluchten.

Indien een eigenaar zijn hond niet onder appel heeft, moet gehandhaafd worden. Als de aanlijnplicht echter gehandhaafd blijft zoals deze nu in de laatste voorstellen staat omschreven, zullen er aanmerkelijk minder baasjes met honden in de parken te vinden zijn en dit zal in het Stadspark en het Oosterpark een daling van de sociale veiligheid ten gevolge hebben.

In combinatie met afschaffing van de aanlijnplicht, zouden wij wel, in samenspraak met veel baasjes, een algemene poepopruimplicht willen invoeren. In het nieuwste voorstel was een algemene aanlijnplicht gekoppeld aan enkele losloopgebieden waar de hond op een veldje mag spelen en de poep mag blijven liggen. Eén van de velden die hiertoe was aangewezen, is een veld in het Stadspark dat ook altijd intensief wordt gebruikt voor manifestaties en picknicks. Het zal daar een vieze boel worden! In veel gemeentes zijn bakken geïnstalleerd voor de hondenpoep die op het riool zijn aangesloten. Erg duurzaam, want op termijn zullen de riolen toch een bron vormen voor biovergisting en bovendien goedkoop: ze hoeven niet geleegd te worden. De gemeente zou ook voor bio-afbreekbare poepzakjes moeten zorgen en op die wijze de hondeneigenaren tegemoet moeten komen.

In groengebieden die intensief gebruikt worden, zoals het Stadspark en het Noorderplantsoen, zou op wijk-nivo gezocht moeten worden naar een oplossing. Wij denken aan een opdeling van parken, waarbij in het Noorderplantsoen de eerste twee stukken in principe niet voor baasjes en honden bedoeld zijn en waar een algemene aanlijnplicht geldt, maar waar het laatste deel (richting Korreweg) een losloop- bestemming heeft (ook in de zomermaanden). In het Stadspark zou men beter een loslooproute kunnen introduceren in plaats van het aangewezen veld. Honden en hun baasjes willen lekker lopen, niet alleen achter ballen aanrennen.

 

Tot slot willen wij slechts het volgende nog opmerken. Wij leven in een tijd waarin men het snel heeft over overlast. Het is goed als we ons realiseren dat in een stad als Groningen tolerantie een groot goed is en dat de publieke ruimte veel verschillende functies kent: loopterrein voor joggers, speelterrein voor kinderen en uitlaatgebied voor honden en hun baasjes om er maar een paar te noemen. Overlast is net als beauty “in the eye of the beholder”. Al deze groepen kunnen zich aan elkaar storen als ze dat zouden willen. Het lijkt ons beter om dat niet te doen. De overheid zou er dan ook beter aan doen om verdraagzaamheid richting elkaar uit te dragen, dan door middel van allerhande regels voor iedere bevolkingsgroep een ander leefgebiedje af te bakenen.

Kortom:

–       poepopruimplicht en deze faciliteren door middel van bakken en zakjes

–       geen aanlijnplicht, behalve in ecologisch kwetsbare gebieden, langs drukke wegen en in druk bezochte parken tijdens de zomer. Op die laatste plek kan dan een loslooproute gevolgd worden.

–       de preciese invulling van losloopgebieden in de groengebieden moet op wijkniveau door baasjes en burgers ingevuld worden, maar uitgangspunt moet zijn dat in ecologisch kwetsbare gebieden de hond aangelijnd dient te zijn.

(m.d.a. Kirsten de Wrede en alle mensen die hun ideeën kenbaar hebben gemaakt!)

Advertenties